Wilbert van Haneghem over zijn schipbreuk in Indonesië: "Ik stopte mijn paspoort in mijn zak zodat ze mijn lichaam konden identificeren"

22 jun , 18:00Interviews
Hangend aan de sloep bij schip
De meeste mensen komen thuis van vakantie met een paar mooie foto's en een goed verhaal voor op verjaardagen. Wilbert van Haneghem kwam thuis met een verhaal dat hem nooit meer losliet. In 2014 boekte hij samen met zijn vriendin Marjan een meerdaagse boottocht door Indonesië op weg naar Komodo Island. Wat een ontspannen avontuur tussen tropische eilanden moest worden, veranderde in een overlevingsstrijd van bijna veertig uur waarin hij een schip zag zinken, vocht tegen uitputting en onderkoeling, de leiding nam over een groep toeristen en twee medereizigers verloor. Tegenwoordig vliegt Wilbert als senior purser de wereld rond voor KLM, maar geen enkele vlucht zal ooit zoveel indruk maken als die ene reis over zee.
Voor mensen die jouw verhaal nog niet kennen: hoe begon deze reis?
"Mijn vriendin Marjan en ik waren in 2014 op vakantie in Indonesië. We wilden heel graag naar Komodo Island om de beroemde komodovaranen te zien. Vanuit Lombok kon je daar op verschillende manieren komen. Je kon vliegen, over land reizen of een meerdaagse boottocht boeken. Die boottocht sprak ons het meeste aan. We dachten dat het een mooie manier was om onderweg nog wat van Indonesië te zien.
We stapten aan boord samen met twintig andere toeristen uit verschillende Europese landen. O.a. Nederlanders, Duitsers, Spanjaarden, Italianen en een Nieuw-Zeelands stel. Iedereen was ontspannen. De sfeer was goed. Niemand had het gevoel dat er iets mis kon gaan. Achteraf bleek dat die boot kort daarvoor nog snel was opgeknapt en geverfd, maar op dat moment zag alles er prima uit.
De Versace Amara afgemeerd. Foto Ken Lacey
Op de eerste avond kwamen we al vast te zitten op een rif. De bemanning vertelde dat de GPS opnieuw was ingesteld en dat ze daardoor van de route waren geraakt. Niemand maakte zich echt zorgen. De gids vertelde dat het vloed zou worden en dat de boot vanzelf weer los zou komen. Dat gebeurde uiteindelijk ook. Achteraf was dat natuurlijk het eerste grote waarschuwingssignaal.
Wat me altijd is bijgebleven, is dat een vrouw uit Nieuw-Zeeland toen al tegen de bemanning begon te schreeuwen dat ze niet wisten wat ze deden. De rest van ons vond haar op dat moment vooral overdreven. Achteraf bleek zij misschien wel de enige te zijn die direct doorhad dat er iets niet klopte.
De volgende dag leek alles weer normaal. We bezochten eilandjes, zwommen in een zoutmeer en genoten van de omgeving. Pas later die middag vertelde de gids dat we zestien uur over open zee zouden varen richting Komodo. Dat klonk logisch, maar naarmate de avond viel veranderde de sfeer. De zee werd ruwer. Mensen werden zeeziek. Golven sloegen over het dek. Op een gegeven moment zagen wij zelfs water onze hut binnenkomen. Marjan en ik sliepen boven de machinekamer en ons matras werd langzaam nat doordat het water onder de deur door kwam. Dat was het moment waarop ik voor het eerst begon te twijfelen of alles wel onder controle was."
Wanneer werd duidelijk dat dit geen gewone noodsituatie meer was?
"Rond één uur 's nachts werd ik wakker omdat de boot opnieuw stil lag. Ik liep richting het toilet en kwam een jonge matroos tegen die een tangetje in zijn hand had en doodsbang uit zijn ogen keek. Dat beeld staat nog steeds op mijn netvlies. Toen ik terugkwam in onze hut hing die vol met dikke dieselrook vanuit de machinekamer. Mijn vriendin en ik zijn direct naar buiten gegaan.
Daar zagen we iets wat nog veel verontrustender was. Vrijwel iedereen had inmiddels een zwemvest aan. Alleen wij niet. De gids had opdracht gekregen om iedereen wakker te maken, maar was onze hut compleet vergeten. Terwijl de rest zich al voorbereidde op een evacuatie lagen wij nog in bed.
Vanaf dat moment ging alles snel. Mensen probeerden water uit de boot te scheppen. De machinekamer liep vol. De motoren vielen uit. Er lag overal olie, diesel en zeewater. En ondertussen merkte ik dat de bemanning eigenlijk geen idee had wat ze moest doen.
De Versace Amara met de sloep. Foto Ben Quinn
Ik vroeg naar een radio. Naar vuurpijlen. Naar een noodsignaal. Naar iets waarmee we hulp konden inschakelen. Maar ik kreeg geen antwoorden. Op een gegeven moment vroeg ik zelfs of ze een mayday konden uitzenden. De gids keek me aan alsof ik een vreemde taal sprak. Dat was het moment waarop ik besefte dat we een serieus probleem hadden. Als de mensen die verantwoordelijk zijn voor jouw veiligheid niet weten hoe ze hulp moeten vragen, dan sta je er ineens behoorlijk alleen voor.
Op een gegeven moment zag ik zelfs matrozen met brandende fakkels over het dek rennen om aandacht te trekken van schepen in de verte. Ondertussen lag er overal olie en diesel op het schip. Dat was het moment waarop ik dacht: dit gaat echt fout.
Het moment dat me het meeste is bijgebleven kwam toen ik terugging naar onze hut om mijn paspoort te pakken. Ik stopte dat bewust in mijn broekzak. Niet omdat ik dacht dat ik het nog nodig zou hebben voor een hotel of een vlucht. Ik wilde geïdentificeerd kunnen worden als het mis zou gaan. Dat klinkt heel zwaar, maar dat was het moment waarop ik voor het eerst serieus rekening hield met de mogelijkheid dat ik misschien niet meer thuis zou komen."
Terwijl de situatie steeds erger werd, nam jij de leiding over de groep. Hoe gebeurde dat?
"Dat ging eigenlijk vanzelf. Je hebt in zo'n situatie drie reacties: vechten, vluchten of bevriezen. Sommige mensen raakten volledig in paniek. Anderen verstijfden. De bemanning wist het niet meer. Op een gegeven moment kwam de gids zelfs met de boodschap van de kapitein dat de boot niet kon zinken omdat hij van hout was gemaakt. Ik weet nog dat ik dacht: dit kan niet waar zijn.
Ik werk al jarenlang in de luchtvaart en ben getraind voor noodsituaties. Op een gegeven moment stond ik op en zei tegen de groep: 'I am a flight attendant. I am trained for these kinds of situations. I will tell you what to do next.' Vijf seconden later dacht ik zelf ook: wat heb ik nou weer gezegd? Ik heb verstand van vliegtuigen, niet van schepen. Maar het was eruit.
Het bijzondere was dat mensen direct luisterden. Niet omdat ik alle antwoorden had, maar omdat er eindelijk iemand opstond. Ik begon alles te vertellen wat ik wist over overleven. Zoek een buddy. Blijf bij elkaar. Denk vooruit. Maak afspraken. Wat doe je als je in het water terechtkomt? Hoe blijf je warm? Hoe zorg je dat je niet alleen achterblijft? Dat gaf rust. Niet omdat de situatie beter werd, maar omdat mensen weer iets hadden om zich aan vast te houden."
Uiteindelijk belandde iedereen in zee. Wat herinner je je nog van die uren?
"Eigenlijk alles. Dat is misschien het gekke. Er zijn momenten waarop het voelt alsof het gisteren was. Er kwam een enorme golf die letterlijk iedereen van het schip sloeg. Met ongelooflijk veel geluk kwam ik terecht in een klein sloepje dat normaal bedoeld was voor vier personen. Uiteindelijk zaten we met vijfentwintig mensen op en rond dat sloepje. Andere opvarenden probeerden zwemmend het eiland te bereiken.
Ik begon direct mensen uit het water te trekken. Eerst Marjan, daarna anderen. Op dat moment dacht niemand meer aan bagage of spullen. Het ging alleen nog maar om overleven.
We zagen in de verte een vulkaan liggen. Dat was het enige herkenningspunt. Geen andere boten. Geen vliegtuigen. Geen helikopters. Geen tekenen van hulp. Alleen die vulkaan. We probeerden richting dat eiland te zwemmen terwijl we tegelijkertijd mensen uit het water haalden en de sloep drijvend hielden.
Uitzicht op de vulkaan Gunung Api
Uitzicht op de vulkaan Gunung Api
De spanningen liepen hoog op. Vooral richting de bemanning. Terwijl wij probeerden te overleven, wilden zij vooral rusten en slapen. Dat zorgde voor veel frustratie. We waren uitgeput. Verbrand door de zon. Gewond door splinters, spijkers en afgebroken delen van de boot. Alleen in mijn handen telde ik later 52 snijwonden, blaren en verwondingen.
Iedereen was bang voor haaien. Dat gaf niemand echt toe, maar later bleek dat iedereen ermee bezig was geweest. Je voelde continu iets langs je benen bewegen. Een vis, een stuk hout, een been van iemand anders. Je wist het niet. Het was donker. Je zag bijna niets. Ondertussen wist je dat je gewond was en bloedde.
Het fysieke gedeelte was verschrikkelijk. We waren inmiddels al twintig uur bezig. De meesten waren daarvoor ook nog zeeziek geweest. We hadden nauwelijks gegeten. We moesten continu watertrappelen omdat je anders wegzakte. Op een gegeven moment bond ik zelfs een touw om mijn arm zodat ik niet zou wegdrijven als ik even wegviel van vermoeidheid. Twee maanden later had ik nog steeds spierpijn."
Wat gebeurde er mentaal tijdens die lange nacht op zee?
"Dat was misschien nog wel zwaarder dan het fysieke deel. Op een gegeven moment kom je op een punt waarop je niet meer bezig bent met de volgende minuut, maar met je hele leven.
Marjan en ik hadden elkaar beloofd dat we bij elkaar zouden blijven. Wat er ook gebeurde. Maar tegelijkertijd besef je dat je sommige dingen niet kunt controleren. Ik dacht aan mijn familie. Aan mijn broer. Aan mijn ouders, die al overleden waren. En ik dacht aan een beslissing die ik op mijn vijfentwintigste had genomen.
Zonsondergang boven Gili Air
Toen mijn ouders overleden waren, besloot ik dat ik gelukkig wilde worden. Dat ik mijn eigen keuzes wilde maken. Dat ik de wereld wilde zien. Daarom ben ik uiteindelijk gaan vliegen. Daarom ben ik gaan reizen. Terwijl ik daar in dat water lag, kon ik terugkijken op die jaren die daarna waren gekomen.
Dat gaf rust.
Mensen vragen vaak of ik dacht dat ik dood zou gaan. Ja. Zeker op dat moment. Maar ik had niet het gevoel dat ik nog duizend dingen moest doen. Ik had geen spijt. Ik had juist het gevoel dat ik alles had gedaan wat ik wilde doen. Dat klinkt misschien gek, maar dat gaf een bepaalde vorm van berusting.
Ondertussen probeerden we elkaar ook mentaal overeind te houden. Op een gegeven moment riep Marjan zelfs dat ze me ten huwelijk zou vragen als we hier levend uit zouden komen. Ze wees mensen aan voor de catering, voor de bruiloft en voor van alles. Het klinkt absurd, maar dat soort gesprekken hielden ons op de been. Je probeert elkaar iets te geven om naar uit te kijken. Om voor te blijven vechten."
Hoe kwam er uiteindelijk een einde aan die nachtmerrie?
"Op zondagmiddag, rond vijf uur, zagen we ineens twee vissersboten op ons afkomen. Eerst durfde niemand te geloven dat ze voor ons kwamen. We hadden al die tijd geen enkele boot gezien. Geen enkele vorm van hulp. Maar ze kwamen echt voor ons.
We schreeuwden. We zwaaiden met zwemvesten. Uiteindelijk zagen ze ons. Later bleek dat het puur toeval was. Ze waren niet naar ons op zoek. We lagen simpelweg op hun vaarroute. Zonder dat toeval weet ik eerlijk gezegd niet of we hier nu nog hadden gezeten.
Die vissers waren de liefste mensen die je je kunt voorstellen. We kregen droge kleding, thee, goedkope noedels en droge koekjes. Nog nooit heeft eten zo goed gesmaakt. Daarna moesten we nog uren varen naar de haven.
Zelfs daar was het avontuur nog niet voorbij. De havenmeester wilde ons eigenlijk laten wachten tot het politiebureau de volgende ochtend open zou gaan. Uiteindelijk belandden we toch in een ziekenhuis. Niet bepaald een modern ziekenhuis, maar we waren aan land. Dat was het enige wat telde.
Samen met Marjan in het ziekenhuis op Bali.
Later bleek dat de andere groepen zwemmers het eiland hadden bereikt en door andere boten waren gered. Twee Spaanse mannen hebben het helaas niet overleefd. Dat waren twee van de gezelligste gasten aan boord. Ze zijn nooit meer teruggevonden. Met hun families heb ik later nog veel contact gehad. Dat blijft natuurlijk het verdrietige deel van dit verhaal."
Heeft die ervaring jou veranderd?
"Ja en nee. Het heeft vooral bevestigd wat ik eigenlijk al wist. Dat je alles uit het leven moet halen. Dat je moet reizen. Dat je dingen moet doen waar je gelukkig van wordt. Dat had ik na het overlijden van mijn ouders al geleerd.
Ik ben niet gestopt met reizen. Sterker nog, ik vlieg nog steeds de hele wereld over. Ik zeg altijd tegen mensen: blijf reizen. Blijf ontdekken. Blijf genieten. Let misschien iets beter op. Maar laat angst niet bepalen hoe je leeft. Want uiteindelijk gebeuren de meeste ongelukken nog steeds gewoon thuis.
Trouwfoto met tuk tuk, Amsterdam maart 2018
Als deze ervaring me één ding heeft geleerd, dan is het dat je nooit weet wat er morgen gebeurt. Dus zorg dat je vandaag een leven leidt waar je tevreden op kunt terugkijken."

Boek Schipbreuk in het paradijs

Achteraf besloot Wilbert zijn bijzondere verhaal op papier te zetten. In het boek Schipbreuk in het paradijs beschrijft hij uitgebreid hoe een droomreis veranderde in een nachtmerrie en hoe hij uiteindelijk wist te overleven.
Omslag Schipbreuk in het paradijs, 5e druk
Delen met

Loading