Het WK voetbal is meer dan een strijd tussen de grootste voetballanden. Natuurlijk dromen Brazilië, Duitsland en Argentinië altijd van de wereldtitel, maar de mooiste herinneringen ontstaan vaak ergens anders. Bij landen waar niemand rekening mee hield. Bij spelers die ineens uitgroeien tot helden. Juist de underdogs maken een WK onvergetelijk. Dit zijn vijf van de mooiste WK-verhalen aller tijden.
1. Kameroen en de dansende Roger Milla (1990)
Voor het
WK van 1990 keek bijna niemand naar Kameroen. De Afrikanen werden gezien als een leuke deelnemer, maar niet als een ploeg die de gevestigde orde kon bedreigen. Dat veranderde al op de openingsdag.
Titelverdediger Argentinië, met Diego Maradona als grote ster, ging verrassend onderuit tegen Kameroen. De wereld stond op zijn kop. Daarna verscheen een 38-jarige aanvaller op het toneel die uitgroeide tot het gezicht van het toernooi: Roger Milla.
Na ieder doelpunt sprintte hij naar de cornervlag voor zijn beroemde dansje. Met zijn glimlach, souplesse en doelpunten veroverde hij miljoenen voetballiefhebbers. Kameroen bereikte als eerste Afrikaanse land ooit de kwartfinale van een WK. Pas na verlenging bleek Engeland nét te sterk. Het was het moment waarop Afrika definitief liet zien dat het meer was dan een outsider.
2. Noord-Korea verrast de voetbalwereld (1966)
Het WK van 1966 kende misschien wel de meest mysterieuze underdog ooit. Vrijwel niemand wist iets over Noord-Korea, alleen kende men de oorlog die het land in tweeën splitste. De spelers waren onbekend en de verwachtingen waren nihil.
Toch gebeurde het ondenkbare. In de laatste groepswedstrijd versloeg Noord-Korea grootmacht Italië met 1-0. Italië kon direct naar huis, terwijl de debutant doorging naar de kwartfinales.
Alsof dat nog niet genoeg was, kwam Noord-Korea in de volgende wedstrijd zelfs met 3-0 voor tegen Portugal. Heel even leek opnieuw een stunt in de maak. Uiteindelijk stond Eusebio op en draaide Portugal de wedstrijd om naar 5-3. Noord-Korea verloor, maar had zijn naam voorgoed in de WK-geschiedenis geschreven.
3. Kroatië verovert de wereld (1998)
Pas zeven jaar eerder was Kroatië een zelfstandig land geworden. Niemand verwachtte dat het land, dat verwikkeld was in een bloederige
burgeroorlog, direct zou meedoen om de prijzen op het WK in Frankrijk.
Toch speelde de ploeg fris, onbevangen en vol zelfvertrouwen. Met sterren als Davor Šuker, Robert Prosinečki en Zvonimir Boban groeide Kroatië met iedere wedstrijd.
In de kwartfinale werd Duitsland overtuigend met 3-0 verslagen. Uiteindelijk strandde het avontuur in de halve finale tegen gastland Frankrijk, maar een derde plaats voelde als een wereldtitel. Davor Šuker werd bovendien topscorer van het toernooi. Voor een jong voetballand was het een prestatie die nauwelijks te bevatten was.
4. Senegal laat de wereld kennismaken met haar lef (2002)
Frankrijk arriveerde in 2002 als regerend wereldkampioen. Senegal maakte juist haar WK-debuut. Alles leek vooraf duidelijk.
Maar in de openingswedstrijd liep het totaal anders. Papa Bouba Diop scoorde het enige doelpunt en Senegal versloeg de wereldkampioen met 1-0. De spelers vierden het doelpunt dansend langs de zijlijn, terwijl miljoenen televisiekijkers zich afvroegen wat ze zojuist hadden gezien.
Het bleef niet bij die ene stunt. Senegal bereikte direct de kwartfinales en speelde met een onbevangenheid waar neutrale supporters verliefd op werden. Pas na verlenging maakte Turkije een einde aan het Afrikaanse sprookje.
5. Costa Rica trotseert de 'groep des doods' (2014)
Soms is een loting zo zwaar dat een land eigenlijk al is uitgeschakeld voordat het eerste fluitsignaal klinkt. Dat leek ook te gelden voor Costa Rica in 2014. De ploeg werd ingedeeld bij Uruguay, Italië en Engeland. Drie voormalige wereldkampioenen. Vrijwel iedereen voorspelde een vroege uitschakeling. Maar Costa Rica dacht daar heel anders over. Eerst werd Uruguay verslagen, daarna Italië en tegen Engeland volgde een gelijkspel. Tot verbazing van de hele voetbalwereld eindigde Costa Rica zelfs als groepswinnaar.
Met doelman Keylor Navas als onpasseerbare muur bereikte het land uiteindelijk de kwartfinales. Pas na strafschoppen wisten Nederland en Tim Krul het sprookje te beëindigen. Voor een land met iets meer dan vijf miljoen inwoners voelde die campagne als een nationale triomf die nog altijd voortleeft.
Altijd blijven dromen
Het mooie aan een WK is dat voorspellingen soms niets waard blijken. Grote favorieten struikelen, onbekende spelers worden helden en hele landen dromen even van het onmogelijke. Juist daarom blijven de verhalen van Kameroen, Noord-Korea, Kroatië, Senegal en Costa Rica zo geliefd. Ze bewijzen dat in voetbal niet altijd de grootste wint, maar soms gewoon degene die durft te dromen.