Voetballen in Engeland is leuk, maar betaald worden is
nóg leuker. De Premier League is allang geen competitie meer, het is een
financiële speeltuin waar bedragen rondvliegen waar je normaal gesproken een
penthouse voor koopt. Nieuwe cijfers laten zien wie er écht casht in Engeland. De top van de salarislijst
Bovenaan de lijst staat Erling Haaland. De spits van
Manchester City verdient maandelijks 2.630.000 euro. Een salaris waarbij je
zelfs na een slechte wedstrijd nog lachend onder de douche stapt. Direct achter
Haaland vinden we
Mohamed Salah, die elke vier weken 2.000.000 euro opstrijkt
bij Liverpool. Ook niet verkeerd voor iemand die binnenkort vertrekt. Dan komen
we bij plek drie en daar wordt het interessant. Onze eigen Virgil van Dijk
staat daar zij aan zij met Casemiro. Beide pakken ze 1.750.000 euro per maand.
Dat betekent dat de Nederlandse captain gewoon meedraait in de absolute
financiële top van Engeland.
Daarachter volgen Bruno Fernandes en Bukayo Saka met ieder
1.500.000 euro per maand. Ook daar hoef je opzich geen medelijden mee te
hebben. En alsof de spelers nog niet genoeg pakken, verdienen de coaches ook
alsof ze meedoen op het veld. Pep Guardiola tikt bijvoorbeeld maandelijks
1.920.000 euro binnen bij Manchester City. Mikel Arteta volgt met 1.250.000
euro en Unai Emery zit op 770.000 euro.
Geld als basis van de Premier League
Daar zit meteen de crux van de Premier League. Zelfs met
nieuwe regels blijft het vooral een competitie waarin geld de eerste, tweede en
derde taal is. De League heeft wel een nieuw financieel systeem aangekondigd,
maar de kern daarvan is nog steeds een flinke ruimte om te spenderen. Clubs
mogen hun on-pitch uitgaven tot 85 procent van hun voetbalinkomsten laten
oplopen, en daar vallen gewoon salarissen van spelers én hoofdtrainers onder.
Bij clubs die Europees spelen ligt die grens zelfs op 70 procent via UEFA.
In Engeland wordt niet alleen de spits afgerekend op goals,
maar ook op het prijskaartje dat aan zijn naam hangt. Een dure transfer is mooi
meegenomen, maar een dik salaris maakt een speler pas écht onderdeel van het
circus. Het resultaat is een voetbalwereld waarin een contract soms nog meer
indruk maakt dan een vrije trap in de kruising.
Daarom voelen die maandbedragen ook zo buitenaards aan. Twee
miljoen per maand voor Salah. Ruim anderhalf miljoen voor Van Dijk en Casemiro.
Anderhalf miljoen voor Bruno Fernandes en Bukayo Saka. En dat is alleen nog
maar de bovenkant van de markt. De Premier League heeft allang niet meer alleen
de beste spelers, maar ook de dikste loonstrookjes ter wereld. Het mooiste, of
eigenlijk het gekste, is dat niemand er echt van opkijkt. Want in Engeland is
dit inmiddels normaal geworden, omdat de competitie zó veel geld binnenhaalt
dat het langzaamaan gewoon standaard wordt. Fantastisch om naar te kijken, nog
leuker om erover te lezen, en voor de clubs waarschijnlijk vooral peperduur.