De NFL is allang niet meer alleen een Amerikaans feestje.
Met wedstrijden in Londen, München, Madrid en Parijs probeert de grootste American
football-competitie ter wereld steeds meer voet aan de grond te krijgen in
Europa. De NFL ziet het continent dan ook niet langer als een leuke extra
markt, maar als een belangrijke groeimotor. En dat lijkt te werken: stadions
zitten vol, het aantal fans groeit en de NFL heeft haar zinnen gezet op nog
veel meer internationale liefhebbers. Dat de competitie haar blik inmiddels ver buiten de
Amerikaanse grenzen richt, werd afgelopen weekend nog maar eens duidelijk. In
Melbourne stonden afgelopen vrijdag de San Francisco 49ers tegenover de Los
Angeles Rams. Het was de eerste
internationale NFL-wedstrijd van dit seizoen en
bovendien de allereerste reguliere NFL-game ooit op Australische bodem. Ruim
100.000 toeschouwers zagen daar de 49ers met 27-7 winnen: een behoorlijk
duidelijk signaal dat de NFL ook publiek trekt aan de andere kant van de
wereld.
Wedstrijden in vier continenten
Australië is geen toevallige tussenstop in de
internationale reeks. De NFL heeft dit jaar een recordaantal van negen
wedstrijden buiten de Verenigde Staten op de kalender staan. Deze worden
gespeeld op vier verschillende continenten, in zeven landen en acht stadions. Naast
Melbourne zijn ook onder andere Rio de Janeiro, Parijs, Madrid, München en
Mexico-Stad aan de beurt.
Op 25 oktober maakt Parijs zijn debuut als NFL-stad,
waarbij de New Orleans Saints en de Pittsburgh Steelers tegenover elkaar zullen
staan. Madrid volgt op 8 november met een wedstrijd in het Santiago Bernabéu,
de thuisbasis van Real Madrid.
Het is dus duidelijk dat de NFL niet meer af en toe een
wedstrijd over de oceaan stuurt om Europese fans een plezier te doen. De internationale
wedstrijden zijn namelijk een onderdeel van een veel grotere strategie.
Duitsland als Europees voorbeeld
Als er één land laat zien dat die strategie werkt, is het
Duitsland. Duitsland wordt door de NFL de grootste fanmarkt van Europa genoemd,
met meer dan 20 miljoen fans. De league probeert die populariteit bovendien
niet alleen op wedstrijddagen te benutten.
NFL Flag is een non-contactvariant van
American football
en wordt actief ingezet om kinderen en jongeren kennis te laten maken met de
sport. In Duitsland hebben inmiddels tienduizenden jonge sporters via scholen
en jeugdcompetities kennisgemaakt met NFL Flag.
Misschien zit daar wel een van de belangrijkste
strategieën: mensen al op jonge leeftijd aan de
sport binden. Want een stadion
één keer uitverkopen is natuurlijk hartstikke mooi, maar als je over tien of
twintig jaar nog steeds fans wil hebben, moet je daar nu al op gaan inzetten.
Niet alleen football
De NFL verkoopt naast de sport ook de complete
Amerikaanse beleving. Dat was onlangs goed te zien in Melbourne, waar de Jonas
Brothers de halftime shows verzorgden. Maar ook alles daaromheen past bij het
typische plaatje: van cheerleaders en mascottes tot muziek, lichtshows en het
spektakel op de tribunes. Een NFL-wedstrijd is dus veel meer dan alleen een
potje football. Het is een complete show en juist dát maakt de sport ook
interessant voor mensen die de regels nog niet van A tot Z kennen.
Waarom werkt het?
De vraag blijft natuurlijk waarom een sport die zo
typisch Amerikaans is, steeds meer voet aan de grond krijgt in Europa en de
rest van de wereld. Een deel van dat antwoord zit ‘m dus in het hele spektakel
dat je erbij krijgt. Daarnaast is de sport door social media en streaming veel
toegankelijker geworden. Je hoeft niet langer midden in de nacht een
Amerikaanse zender te zoeken om de wedstrijd te kunnen kijken. Netflix streamt
dit seizoen bijvoorbeeld vijf reguliere wedstrijden, waaronder de wedstrijd in
Melbourne. De wedstrijden zijn wereldwijd in meer dan 200 landen te bekijken.
Zo hoeft een Europese fan dus ook steeds minder moeite te doen om een wedstrijd
te volgen.
Ook social media speelt daarin een belangrijke rol.
Spelers en teams krijgen zo een gezicht, waardoor fans zich makkelijker aan een
club of speler kunnen verbinden. Daarnaast investeert de competitie in het
Global Markets Program, waarbij NFL-teams officiële marketingrechten krijgen in
landen buiten de Verenigde Staten.
Van Super Bowl naar zondagavond
Waar Europeanen de sport eerder vooral van de Super Bowl
kenden, volgen fans nu ook specifieke teams, kopen ze merchandise en reizen ze
zelfs naar wedstrijden.
Londen is daar het duidelijkste voorbeeld van. Daar
worden al sinds 2007 reguliere NFL-wedstrijden gespeeld en de stad heeft een
vaste plek gekregen op de internationale kalender. In 2026 komen daar opnieuw
drie wedstrijden bij, verdeeld over het Tottenham Hotspur Stadium en Wembley
Stadium.
Ook de manier waarop de NFL de internationale markt
benadert, verandert. De league doet inmiddels meer dan alleen Amerikaanse
wedstrijden naar Europa brengen. De NFL probeert lokaal onderdeel te worden van
de sportcultuur. Van jeugdprogramma’s en merchandise tot lokale marketing en
entertainment rondom de wedstrijden: de NFL wil dat fans zich ook buiten
Amerika verbonden voelen met de sport.
NFL op Regent Street in Londen
Of American football ooit groter wordt dan voetbal? Daar
hoef je je nog geen zorgen over te maken. Sterker nog, de NFL hoeft voetbal
helemaal niet te verslaan om succesvol te zijn. Als de competitie erin slaagt
om een vaste plek te krijgen naast de andere Europese sporten, heeft ze haar
doel al grotendeels bereikt.
Met negen internationale wedstrijden in één seizoen en
tientallen miljoenen fans buiten de Verenigde Staten is één ding duidelijk: de
NFL hoeft Europa niet meer te ontdekken. De fanbase is er al. Nu is het vooral
de vraag hoe groot die nog kan worden.